In de periode 2024-2030 krijgen meer maatregelen voor slimme mobiliteit vorm. Het Central Innovation District en de Binckhorst worden verder aangepast zodat er meer ruimte is voor voetgangers en fietsers. Ook wordt gekeken hoe de bouwlogistiek en stadsdistributie efficiënter en schoner kan plaatsvinden. Bij stations komen extra voorzieningen voor deelauto’s, deelscooters en deelfietsen. In deze periode wordt ook de HOV-lijn van Station Den Haag CS naar Station Voorburg en de aansluiting op de bestaande lijn naar Delft aangelegd. In de MIRT-Verkenning CID-Binckhorst onderzoeken zes samenwerkende overheden met welke invulling van de HOV-verbinding de meeste mensen snel en comfortabel op hun bestemming kunnen komen. Het gaat om het traject tussen Den Haag Centraal, de Binckhorst en Station Voorburg, en een aansluiting richting Delft.

Wat is een MIRT-Verkenning?

In een MIRT-Verkenning worden verschillende fasen doorlopen om van een breed scala aan oplossingsrichtingen te komen tot een zogenaamd voorkeursalternatief. Het voorkeursalternatief is het alternatief dat op basis van alle onderzoeksresultaten het beste voldoet aan de doelstellingen voor het project. Het voorkeursalternatief omvat de variant voor de OV-verbinding, maar ook aanvullende maatregelen om de bereikbaarheid van het Central Innovation District en de Binckhorst te verbeteren. Dit zijn bijvoorbeeld fietsverbindingen, voorzieningen voor fiets, langzaam verkeer verbindingen en andere voorzieningen die bijdragen aan een prettig woon- en werkgebied.

De fasen die in de MIRT-Verkenning CID-Binckhorst worden doorlopen zijn in de onderstaande visualisatie weergegeven:

Waarom een OV-verbinding?

De HOV-verbinding (hoogwaardig openbaar vervoer) en ook andere mobiliteitsmaatregelen dragen bij aan de volgende doelen:

  • Door betere bereikbaarheid met OV, en lopen en fietsen kunnen er meer woningen en banen in de Binckhorst komen. Zonder dat er meer autoverkeer nodig is. Zo neemt het tekort aan woningen af en kunnen mensen in de stad blijven wonen en werken. Ook mensen van buiten dit gebied kunnen profiteren van de werkgelegenheid.
  • Er komt minder verkeer op drukke punten zoals het Rijswijkse Plein en de Binckhorstlaan. Een ov-verbinding voorkomt extra verkeer op de A4 en A12 en ontlast het spoor tussen Delft-Den Haag-Leiden. Delft, Leidschenveen en Zoetermeer zijn beter bereikbaar.
  • Door voorrang te geven aan lopen, fietsen en openbaar vervoer (mobiliteitstransitie) ontstaat meer ruimte in de stad voor wonen, werken en verblijven.

 

Om goed uit te leggen waarom een HOV-verbinding van Den Haag Centraal door de Binckhorst naar Station Voorburg nodig is, hebben wij een factsheet opgesteld. Hierin staat veel informatie over het belang van dit project: de lokale en regionale bereikbaarheid, de noodzaak om voldoende woningen in deze regio te kunnen bouwen en het belang van meer werkgelegenheid.

Hoe ziet de OV-verbinding er straks uit?

Er worden drie zogenoemde openbaarvervoersystemen onderzocht. Een HOV-tram, een lightrail en een Bus + ART/Tram. Deze drie opties zijn voortgekomen uit de Notitie Kansrijke Oplossingsrichtingen (NKO), uit de vorige fase van de Verkenning. Elke optie heeft zijn eigen kenmerken zoals hieronder te zien is.

U kunt de NKO onderaan deze pagina downloaden.

 

 

1. HOV-tram

  • Eigen baan met gemiddelde snelheid van 25 km/uur
  • Dagelijks vervoer: 10.000 – 20.000 reizigers (koppeling voertuigen mogelijk)

2. De lightrail

  • De lightrailverbinding rijdt deels ondergronds of op een verhoogde baan zodat drukke punten worden overbrugd. Buiten het drukke gedeelte komt een vrijliggende baan.
  • Snelheid: lokaal 30 km/uur
  • Dagelijks vervoer: 20.000 – 60.000 reizigers (koppeling voertuigen mogelijk)

3. Bus + ART/Tram

  • Starten met een snelbus op een eigen baan, die vaak rijdt. Hiermee wordt direct voldaan aan de vervoersvraag en kan op de langere termijn nog voor een ander alternatief worden gekozen.
  • Snelheid: gemiddeld 20 km/uur
  • Dagelijks vervoer: 20.000 reizigers
  • Mogelijkheid om op termijn te kiezen voor de HOV-tram of voor de ART, een zelfrijdende tram (Autonomous Rail Rapid Transit).

Alternatieve tracés

Tijdens het bestuurlijk overleg van 12 juli 2021 is besloten om drie tracés toe te voegen aan het onderzoek. Dit leidt ertoe dat er op dit moment zes tracés verder worden onderzocht.  Hieronder een overzicht met alle tracés:

1. Binckhorstlaan – Zonweg – Regulusweg: bus, tram en lightrail (nieuw)

2. Binckhorstlaan – Zonweg – Melkwegstraat – Maanweg: bus (nieuw)

3. Binckhorstlaan – Maanweg: bus, tram en lightrail

4. Binckhorstlaan – Pr. Mariannelaan: bus en tram

5. Binckhorstlaan – Pr. Mariannelaan – Geestbrugweg: bus en tram

6. Binckhorstlaan – Jupiterkade – Broekslootkade: bus en tram (nieuw)

U kunt de tracéafweging bekijken door op deze link te klikken.

Waar staan we nu in de MIRT-Verkenning?

Nadat de mogelijke oplossingsrichtingen in 2018 en 2019 in beeld zijn gebracht, is in 2020 gestart met de Beoordelings- en Besluitvormingsfase. In deze fase worden de kansrijke alternatieven uit de NKO verder uitgewerkt. In verschillende onderzoeken worden de omgevings- en milieueffecten in beeld gebracht en bovendien wordt een inschatting gedaan van de kosten. Deze objectieve onderzoekresultaten maken het mogelijk om de alternatieven met elkaar te vergelijken. Aan het eind van de Beoordelings- en Besluitvormingsfase wordt een keuze gemaakt voor het zogenoemde Voorkeursalternatief. De eerste stap die hiervoor is gezet, is het opstellen van de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Dit document is bedoeld om de reikwijdte en het detailniveau van het onderzoek voor het nog op te stellen milieueffectrapportage te beschrijven. De NRD beschrijft welke alternatieven onderzocht worden en welke criteria en methoden de onderzoekers gebruiken om de milieueffecten in beeld te brengen. Van 2 september tot en met 13 oktober 2020 heeft iedereen kunnen reageren op dit onderzoeksvoorstel.  Binnenkort kunt u in de Nota van Antwoord op deze website lezen hoe wij zullen omgaan met de reacties die zijn binnengekomen op de NRD, en wat dat betekent voor de vervolgonderzoeken.

Met deze stap ligt de onderzoeksopzet voor de milieueffectrapportage (Plan-MER) vast en kunnen de benodigde onderzoeken worden uitgevoerd. De ontwerpen voor de verschillende alternatieven worden op schetsniveau uitgewerkt, waarna de effecten op de omgeving en het milieu worden onderzocht. Het Plan-MER is een bouwsteen voor het Masterplan Mobiliteit CID-Binckhorst wat vervolgens wordt opgesteld. Dit Masterplan bevat de visie op duurzame verbetering van de bereikbaarheid van het CID en de Binckhorst, inclusief concrete mobiliteitsmaatregelen. Naar verwachting wordt het Plan-MER en het Masterplan Mobiliteit CID-Binckhorst in het najaar van 2021 ter inzage gelegd voor zienswijzen.

Bekijk het onderzoeksvoorstel
Bekijk hieronder de publieksfolder van de NRD. Het volledige document kunt u onderaan deze pagina downloaden. Ook kunt u het document opvragen via de mail info@binckhorstbereikbaar.nl